Ik ben bij de neuroloog geweest. En nu?


Na de eerste consultatie

Er zijn verschillende opties:

  1. De dokter denkt aan een niet-neurologische oorzaak en verwijst je door naar een andere specialist.
  2. De dokter kan meteen een diagnose stellen en stelt een behandelplan op.
  3. Er moeten bijkomende onderzoeken gebeuren.
  4. Sommige klachten zijn van voorbijgaande aard.

Na de diagnose

Indien de dokter geen duidelijke oorzaak vindt voor neurologische klachten, zullen er verdere onderzoeken gepland worden.

Na de diagnose kan de neuroloog een behandelplan opstellen met ook nog eventueel bijkomende onderzoeken ter uitsluiting van bijkomende/andere oorzaken.

 

Verdere opvolging gebeurt na aanpassing van medicatie of eventueel periodiek (telkens na een bepaald aantal maanden). De huisarts kan bij bepaalde patiënten ook de opvolging op zich nemen. Bij verandering van klachten, bijwerkingen op de medicatie of een andere gebeurtenis kan altijd contact opgenomen met de huisarts. In veel gevallen kan de huisarts al stappen ondernemen en anders de neuroloog inschakelen. De neuroloog kan ook aangeven om bij bepaalde klachten rechtstreeks contact op te nemen. Als dit zich voordoet, kan je altijd terecht op het secretariaat van de privépraktijk of van het Jessa Ziekenhuis (zie contactgegevens). 


Een zorgsysteem

Bij sommige diagnoses hebben patiënten tijd nodig om het goed te verwerken of hebben ze externe hulp nodig. U staat er nooit echt alleen voor. Er is een zorgsysteem rondom u: de huisarts, de neuroloog, eventueel de familie,...

De mutualiteit kan in sommige gevallen ook heel behulpzaam zijn. Hier kan u navragen welke ondersteunende diensten ze aanbieden (huishoudhulp, vervoer, thuisverpleegkundige,...). Daarnaast kunnen ze ook meer informatie geven rond de organisatie van bepaalde diensten en van de terugbetaling medicatie.